G.Frank

 

OKTOBER

 

Wanneer de maand oktober aanbreekt-de trekmaand van vogels bij uitstek-zijn er altijd bepaalde vogels,die hier in het winterhalfjaar aanwezig ,waar ik ,met hoopvolle verwachting naar uitkijk.

Een van die vogels is de Bonte Kraai,Corvus ,corone cornix.

De tijd dat ik  deze soortgenoot van onze Roeken,Zwarte Kraaien,Raven .Torenkraaien en Vlaamse Gaaien. in grote antallen voor de kijker kreeg liggen al tientallen jaren achter me.

Wanneer we betiteling bont gebruiken,dan denken we vaak aan vogels met een effen kleur die witte of zwarte vlekken ergens in hun verenpak hebben zitten.Bij de Bonte Kraai betekent het echter dat je een vogel krijgt te zien,die op zijn lichaam een regelmatige kleurvorming vertoont in twee kleuren.Het patroon is bij elke vogel vrijwel gelijk.De kleuren zijn zwart en grijs,waarbij de grijze kleur een rossige indruk maakt.

Door die grijze kleur heeft hij ook wel de naam van GRIJZE kraai gekregen,maar die hoor je slechts in bepaalde

streken van ons land.

 

Leuk is om eens naar een paar streeknamen te kijken,waardoor je een indruk krijgt waar je die kraai vaak aantreft.Grijze lummel is er zo een uit het Groninger land.De naam Zeekraai kreeg hij mee in de kuststreken van ons land omdat hij daar vooral in het najaar verscheen om zich te  goed te doen op de schorren en de slikken aan schelpdieren en de duindoornbessen in de duinen.In Friesland kreeg hij de naam Skierroek mee.Het woordje skier betekent in dit geval niet dat de vogel er schier uit ziet maar wijst weer naar grijs of grauw.

Zo’n dikke honderd jaar geleden liepen in Amsterdam de weeskinderen rond in een donker pak met een rode mouw.Het is daarom zo vreemd nog niet dat deze kraai om zijn twee kleurigheid ook de naam van Weesjongen meekreeg.

 

Gaan we deze kraai anatomisch bekijken ten opzichte van zijn soortgenoot de Zwarte Kraai,dan blijken er geen verschillen aanwezig te zijn in skelet opbouw.Ze zijn identhiek aan elkaar.Het houdt dus in dat het eigenlijk gelijke vogels zijn,maar door als het ware misschieen streek invloeden verschil in het verenpakje vertonen 

 Het kleurverschil zou je op die manier een streekverschil kunnen noemen.In ons land broedt of broedde hij wel eens.Soms was het een gemengd huwelijk van een Bonte met een Zwarte!

 

 

VERENPAK

Bekijken we de veerkleur,dan zou je kunnen spreken van een vogel met een grijs lichaam,waaraan zwarte vleugels zitten.De staart is ook zwart,terwijl kop tot halverwege  de nek ook zwart is,terwijl dat zwart met een boogje doorloopt naar de borst,waardoor het op een bef gaat lijken.Snavel en poten zijn eveneens zwart.

De grootte is dus identhiek aan de Zwarte Kraai en je moet in dit geval  denken aan vogel,die voor je rond stapt van zo’n halve meter lengte.Behoorlijk groot dus.Opvallend bij beide kraaien is de vervaarlijke  stevige iets gebogen snavel en een ieder die wel eens zo’n soort kraai in handen heeft gehad en het ongeluk had  verzeild te raken tussen de snavel randen of een pik kreeg weet hoeveel kracht er in zo’ snavel aanwezig is.

 

MILIEUREINIGERS

Kraaien zijn wat het  dagelijkse maaltijdje betreft “alleseters”.Alles wat maar enigszins eetbaar is wordt opgepeuzeld.Kraaien trof je daarom veel aan op vuilnisbelten,maar aangezien die vrijwel tot het “grijze’ verleden behoren zie je ze daar dus niet meer samenscholen.Wat tegenwoordig in trek is is de maisbult bij  boerderijen.In de tijd dat de mais geoogst wordt zie je enorme zwermen kraaien bij die akkers en boerderijen opduikewn waar de mais als veevoer gebruikt wordt.In een mum van tijd hebben ze een maiskolf leeggepikt en krijgen op die manier een beste maagvulling naar binnen.

Kraaien worden als zeer “slim” beschouwd.Zijn slimheid uit hij  door bij de grote maisbulten die afgedekt zijn met het broemde of miisschien wel beruchte dikke zwarte landbouwplatic behoorlijke gaten te pikken in soms meerdere  lagen van dit plastic op zo’n bult.Minder prettig voor de landbouwer,maar op deze manier ziet  de kraai toch kans zijn altijd rammelend maagje te vullen met de grote dikke maiskorrels,die als veervoer gebruikt worden in de rindveehouderij.

Menig boer slaakt daarom vaak de verzuchting,dat er zo veel kraaien zijn tegenwoordig.

Die verzuchting lijkt terecht maar………is mede een gevolg van de verandering in de landbouw wat de veevoeding betreft.Zo’n twintig jaar geleden kwam de maisteelt pas goed to ontwikkeling,doordat men soorten van dit zaad ging kweken,die ook in ons land op tijd voldoende opbrengst gingen leveren bij verbouw.

Om de kraaien nu de schuld te geven van hun grote aantallen in bepaalde streken in ons land hangt daarom tennauwste samen met de verbouw van mais als landbouwgewas:Een pracht voedingsbron voor kraaien in najaar en winter,die volop aanwezig is en ook wel zal blkijven.Bij mijn huis liggen een aantal akkers.En wanneer het zaad in de kolven rijp wordt.zijn er grote groepen kraaien al aan het fourageren voor de oogst plaats vindt.

Alleseter wil ook zeggen dat ze kadavers van eigenlijk elk beest schoon plukken.Vandaar dat je vaak kraaien langs de snelweg aantreft,wanneer daar dode vogels of dieren bij het verkeersgeweld sneuvelen

 

NAAM

 

De latijnse naam vraagt nog wel even uitleg.Corvus betekent: RAAF.Vervolgens is de toevoeging corone van oorsprong een Grieks woord,dat in het latijn verbasterd is en diudt op  de naam:Bonte Kraai.Het woordje cornix heeft alleen iets te maken met het geluid dat deze kraai  maakt:het is een klanknabootsing.

 

SLAAPVLUCHT

 

Kenmerkend voor kraaien is het tegen de komst van de schemering hun vlucht naar bepaalde slaapplekken.Deze slaapplaatsen zijn meestal gelegen in  bossen of bosschages in het landschap.Van uit mijn huis liggen de bossen van Oostelijk Flevoland op zo’n 3 km afstand.In de  herfst - en wintertijd zie ik  zo omstreeks een uur voor de duisternis in valt- grote groepen kraaien-vaak Torenkraaien uit Kampen- in flinke aantallen overkomen op weg naar hun slaapplek in de bossen aan de andere kant van het Drontermeer.In een vrij korte tijd komen dan honderden kraaien over .Vaak druk roepend naar elkaar om het verband met de groep goed te houden.

Torenkraaien zie je als onafscheidelijken meestal twee aan twee vliegen,Zwarte Kraai= Roek en Bonte Kraai(ten minste wanneer die er tussen zit) vliegen in “los” verband.Tussen de vogels onderling zitten vaak tientallen meters afstand.

Die slaaptrek is echt niet alleen waar te nemen op het platteland maar ook goed in vrijwel elke stad of dorp.In de grotere steden zoeken ze vaak de hoge bomen in een park op of –zo er buitenplaatsen met veel hoge bomen in de buurt staan-naar die omgeving.

Uit nieuwsgierigheid wil je natuurlijk wel eens weten hoe het op zo’n slaapplaats  toegaat.Na wat speurwerk zijn ze goed te vinden.Je hoort ze in de schemering,druk kwebbelen met elkaar voordat ze de oogjes echt gaan sluiten.Of ze nieuwtjes uitwisselen over de belevenissen van die dag…..u mag het zehgen…. maar het is een drukte van belang.Voortdurend zijn er ook nog vliegende vogels,die van plekje wisselen of omdat ze te dicht bij een buurman of buurvrouw zaten,waar ze niet gewenst waren of omdat het stekkie niet deugt.

Bij het krieken van de dag keren ze weer terug naar  hun vaste dagelijkse stek.Ze verspreiden zich dan over grote afstanden om aan het eind van de dag weer de gemeenschappelijke slaapplek op te zoeken,waar ze zich veilig weten voor overvallers of belagers.De gemeenschap zorgt voor een hechte band en veel waakzaamheid naar alle kanten,die je als eenling onmogelijk op kunt brengen.

 

Indringers of roofvogels zijn niet gewenst.Ze verdedigen zich  met vleugel en snavel,soms zelfs met de scherpe nagels aan hun poten.Ze gedragen zich dan vrij en onvervaard.Ze vallen roofvogels aan.Zelfs is bekend dat ze  er niet tegen opzien de”vliegende deur”-de Zeearend -aan te vallen.Een  roofvogel met een vleugelspanwijdte van zeker twee meter!

 

STRENGE WINTER OPKOMST?

 

Veel mensen denken,dat er een echte winter op til is wanneer er veel Bonte Kraaien in ons land komen,maar dat blijkt evenwel niet het geval te zijn.Al zal er een zekere waarheid in dit gezegde aanwezig zijn,omdat in strenge vorstige winters voor deze kraai in noord en oost Europa het voedsel ook in beperkter mate  of geheel niet aanwezig  is en ze noodgedwongen wel moeten verkassen naar mildere streken waar eventueel meer voedsel voorhanden zou kunnen zijn.

 

Oktober-Bonte Kraaien maand?

Voor mij in iedergeval ,maar…….

Het aantal  dat komt  is echter drastisch afgenomen ………helaas…..!