In de loop van de
tijd zijn mij nog al wat vragen gesteld over het opkooien en op zang brengen
van zangvogels. Wanneer je inmiddels zo'n vijftig jaar meeloopt in de wereld van het houden en kweken van
zangvogels, eigenlijk nog langer want ik kom namelijk uit een geslacht van
harzerkwekers uit het begin van de vorige eeuw, dan mag je wel van enige
ervaring spreken.
Uiteraard heb ik de
wijsheid ook niet in pacht, maar toch wil ik proberen door te geven, welke
mogelijkheden er zijn.
Mogelijkheden om tot
DAT resultaat te leiden, dat de vogels tijdens een keuring of zangdemonstratie
in ieder geval zingen.
Er is niets
ellendiger dan dat er op een keurlijst “NG” op een lijst staat of dat een
kweker tijdens een technische dag met het zweet in zijn/haar handen zit omdat
de vogels niet wensen te zingen.
OPKOOIDATUM
Hier zijn geen vaste
regels voor, al geven vrijwel alle boekjes aan dat dat ongeveer half oktober
dient te zijn. Dat is echter geen wet.
Zelf kooi ik altijd
vrij laat op. Meestal rond 1 november. Het opkooien hangt ten nauwste samen met
de datum van je eerste wedstrijd.
Om vogels zingend
voor te brengen moet je ongeveer op minimaal vier weken rekenen.
Maar....... een vogel
dient ook een bepaalde leeftijd te hebben om zijn volledig lied te kunnen
brengen.
We vergeten wel eens dat we een vogel al opkooien op het
moment dat de vogel pas BEGINT met het
instuderen.
Om dat lied in alle
facetten te kunnen brengen, heeft en - daar ligt een stukje wetenschappelijk
onderzoek aan ten grondslag- een vogel een vol jaar nodig.
De eerste week staan
mijn vogels nog in de vluchtruimte, waarin ze ook geboren zijn, naast de vlucht
waarin hun vrouwelijke leeftijdsgenootjes zitten.
Bij voorkeur zet ik
broers naast elkaar. Ze staan in rijen op elkaar. Jaarlijks fok ik zo'n 40
jonge waterslagermannen .
Ze staan ZONDER
schotjes, iets op afstand van elkaar.
Het opkooien is een
hele ingreep in het vogelleventje, en door ze gezamenlijk dit te laten
ondergaan is hun ervaring zinvoller.
Vaak zingen ze
al na een of twee dagen.
Daarna gaan ze in
huis in de zangkasten.
WEER zonder schotjes
ertussen en zo mogelijk broers en halfbroers naast elkaar.
OPZETTEN
Ze staan bij mij in
de studeerkamer en er wordt nog NIET verduisterd.
Op dezelfde dag dat
ze in huis gekomen zijn worden ze ook voor het eerst "opgezet".
Dat opzetten bij mij
- gelet op het aantal - gebeurt met ZEVEN op elkaar. Door gebruik te maken van
een strook triplex van zo'n 150 cm lengte en de breedte van een zangkooi - zeg
maar 20 cm - zet ik nog een groep van zeven op elkaar naast. Je kunt er zo wel
21 opzetten!
De vogels zien elkaar
dus niet. Ze staan op bij kunstlicht maar de kamer hoeft echt niet verduisterd
te zijn. Gordijnen dicht is voldoende.
Zelf zit ik er op
hooguit een meter van af in een stoel, met een boek of krant en......een
notitieblok.
Met krijt staat aan
de zijkant van de kooi het ringnummer en PER ="STAPEL" geef ik dan
aan welke vogel als nummer EEN, TWEE,
DRIE, enz. gaat zingen.
Elke dag staan ze op
dezelfde manier op tafel. Steeds noteer ik - per stapel - de nummers EEN, TWEE
enz. op mijn STAFFELLIJST.
Vaak zingen er op de
eerste dag al een aantal en dat getal neemt per dag toe.
In de kast staan ze
nog steeds ZONDER tussenschotjes en
GEEN verduistering.
Zet wel steeds
DEZELFDE vogels naast elkaar in de kast. Dat voorkomt onderling gekrakeel.
GEZONGEN OF
NIET, ZE STAAN PER KEER NOOIT LANGER
DAN 10 MINUTEN OP TAFEL.
Na het terugzetten in
de kast komt de"BELONING" met een beetje eivoer of wat negerzaad
(enkele korreltjes). Iets gebroken gepelde haver kan ook.
WEDSTRIJDTRAINING.
Op de staffelllijst
heb je inmiddels over al 1- tjes, 2 - tjes enz
staan .DE volgende stap wordt
dan :
De meest
zanglustige vogels (de meeste nummers
1) komen bij elkaar te staan enz. Verder let ik sterk op het familieverband.
Vanaf dat moment
komen er in de kast vogels naast elkaar
te staan, die niet helemaal vreemd, maar toch van elkaar vervreemd zijn
geraakt.
De neiging om elkaar
te lijf te gaan komt dan boven en vanaf DAT moment gebruik ik schotjes.
De vogel komt iets
meer in afzondering en heeft ook zonder afleiding van een buur, meer rustige
studie mogelijkheden.
VERDUISTERING
Ook is dan het moment
daar om de kast te gaan verduisteren.
Eerst in de
ochtenduren een uur of twee - drie. Dat
gedurende enkele dagen en dan hetzelfde
op de middag. Een dag is bij mij wat
licht betreft: tussen 8.00 voormiddag tot 17.00 uur namiddag. In de avonduren doe ik met de vogels bij
voorbaat niets.
Dit is natuurlijk
problematisch voor veel mensen. Toch dien je het maximale aantal uren per dag
tot hooguit 9 te beperken. Dat lukt alleen wanneer je dus de dag voor de vogels
wat het licht betreft aanpast aan hooguit 9 uur per dag.
Ter verduistering
gebruik ik een vrij stevig wollen gordijn. Achter dat gordijn zitten de vogels
NIET donker. Het is licht doorlatend.
De vogels dienen
achter het gordijn te BLIJVEN zingen. Dat verduisteren begint zo'n VEERTIEN
dagen voor de keuringsdag.
Het gebruik van ander
verduisteringsmateriaal is wel aan te bevelen. Ik heb een paar plaatjes
gemaakt van triplex die net tussen de
planken in de kast passen. De lengte van zo'n plaatje 3D aan de lengte van de
planken.
In deze plaatjes
zit voor elk kooitje een gat. Op
wedstrijden komen de vogels vaak in kisten, die op deze manier gesloten worden.
Door dit zo af en toe te passen wennen de vogels aan deze verandering in het
dagelijks patroon.
De DAGLICHTLENGTE per
dag is dus wel belangrijk.
Krijgen de vogels te
veel en vooral te LANG licht dan breng
je ze in BROEDKONDITIE, waardoor ze HARDER en vooral SCHELLER gaan zingen.
Houd de uren daglicht
vooral goed in de gaten.
Bij mij gaat
's-morgens om acht uur het licht in de kamer aan gedurende een half uurtje. Ik
voer ze dan en ververs het drinkwater. De rest van de dag lopen ze mee met het
daglicht naar de avondschemering.
Te lange dagen maken
de vogels TRAAG in zang.
Hetzelfde geldt voor
het TE LANG UITZETTEN .
Door die 10-minuten
training krijg je vogels, die TIJDENS het uitzetten al gaan zingen.
Komen ze straks bij
de keurmeester op tafel,dan zullen ze in de eerste minuten al gaan zingen en
krijgen ze het predikaat;"vlotte zangers " mee.
UITZETTEN
Vanaf dat moment
komen de vogels per 4 (eventueel een vijfde als reserve) op tafel.=20
ZE komen niet langer
dan 10 MINUTEN op tafel (opzetten en wegzetten, niet meegerekend! )
De vogel die steeds
als eerste begint te zingen zet ik bij voorbaat onderaan.
Ongetwijfeld ontdek
je verschillen tussen de vogels.
Probeer zo goed
mogelijk DIE vogels bij elkaar te plaatsen, die een vrij gelijkluidend lied
kunnen en ook willen brengen.
Vooral bij stammen is
dat belangrijk. Uiteindelijk vind je dit bij de toekenning van punten voor
STAMHARMONIE terug. Juist dat ENE puntje meer kan je het al of niet kampioen
worden in de stammenklasse opleveren.
Zo heeft de ene kweker de gelegenheid j de kans de vogels per dag meerdere keren uit te
zetten.
Doe dat dan.
Is dat niet mogelijk
probeer dan op onregelmatige tijden - gedurende tien minuten per keer - de kasten open te zetten of te laten zetten.
Het een dag niet
uitzetten is ook niet erg, maar probeer het te voorkomen.
AFLUISTEREN
Zet de vogels vanaf
het begin hooguit een meter bij je vandaan. Blijf je normaal gedragen. Lees de
krant of een boek. Houd je aantekenpapier bij de hand
En doe vooral gewoon.
Meerdere personen erbij....
Graag!
Vogels wennen aan
beweging en ook onverwachte bewegingen en BLIJVEN zingen.
Een keurmeester zit
ook niet stil.
TIP
Het tijdens de
maaltijd op tafel zetten (tenminste als er ruimte voor is) blijft ook en zeer
effectieve methode. Houdt de tijd van uitzetten wel in de hand.
KUNSTLICHT.
Het afluisteren dient
wel bij kunstlicht te gebeuren. Gordijnen in de kamer dus dicht. Een of
meerdere lampen aan en begin dan met uitzetten.
Het afluisteren kan
rustig in dezelfde ruimte waar ze staan.
Sommige kwekers
hebben hun vogels in hun kweekruimte staan. Ze moeten ze daar dan vandaan halen
of ze in hun kweekruimte afluisteren.
Worden ze in huis
afgeluisterd gebruik dan wel de koffer(s) waarin ze ook naar de wedstrijd gaan.
Ook daaraan moeten de
vogels wennen.
Voor ze naar een
wedstrijd gaan is ook hier gewenning nodig. Zet ze eens in zo'n verzendkist. Ze
leren een tijdje in een voor hen
vreemde omgeving te "wachten" op het uitzetten.
Gebruik die koffers
ook. Loop er - met de vogels erin- eens een rondje. Zet de kist niet te
zachtzinnig neer en stoot hem eens ergens tegenaan.
Allemaal dingen die
mogelijk ook tijdens het gaan naar.... en gedurende een wedstrijd kunnen
gebeuren. Hebben ze deze ervaring niet dan is een
“NG” mogelijk te wijten aan dit niet juist getrainde onderdeel.
BELONING
Elk dier is gelukkig
met een beloning. Een vogel ook, maar......een schouderklopje kan natuurlijk
niet.
Na het uitzetten-
gezongen of niet, maakt niet uit.... De vogel beloon je met een schepje
eivoer.... Werkt stimulerend......misschien heeft het wel het effect van:
"het blij vooruitzicht, wat het streelt", dat de vogel aanzet tot
meerdere zang. Het werkt echt!
BUURTEN
Ga met je vogels eens
buurten bij een collega-kweker of een belangstellende buurman. Verandering van
omgeving tijdens het uitzetten is zelfs nodig door een andere omgeving,
verlichting, temperatuur en vul zelf verder maar in.
Thuis kun je dat doen
door ze eens af te luisteren in en andere ruimte in huis. Een doucheruimte is
mogelijk..........
Bij dat buurten of
veranderen is het zaak veel te praten en ook te bewegen. Daar horen ook andere geluiden bij...een pen die
op de grond valt, ritselen van een krant, een kopje dat hard op het schoteltje
gezet wordt. Het gaat om DOORZINGENDE vogels!
RESULTAAT
Vogels die tijdens
een keuring direct beginnen te zingen, hebben een streepje voor bij en keurmester en vooral wanneer ze zo mogelijk allemaal te gelijk beginnen en
door blijven zingen.
Een keurmeester heeft
dan zijn handen vol om de punten op papier te krijgen en vaak krijg je dan
zelfs een iets hogere waardering dan bij vogels, die steeds afbreken en niet
doorzingen. Er is ook voor de keurmeester geen aardigheid aan vogels, die
gedurende het half uurtje afluisteren zo af en toe en al snel afbrekend stukje
laten horen.
En.........uiteindelijk
tellen de punten wel bij de eindbeoordeling in de catalogus.
Het resultaat telt en
het gaat erom DAT JOUW VOGELS NET IETS
BETER ZIJN DAN DIE VAN JE COLLEGA!
Veel kwekers houden
het niet bij een wedstrijd, maar nemen aan meerdere deel.
Na terugkomst van een
wedstrijd hebben de vogels vaak veel uren meer licht gehad dan ze gewend waren.
Geeft ze daarom een
dagje rust. Doe wel een paar keer de gordijnen zo'n 10 minuten open.
Bij kunstlicht.
Voeren, schoon drinkwater en bij de tweede keer wat extrabeloning(het
eivoersnoepje)
WEDSTRIJDEN
Het deelnemen aan
wedstrijden brengt wel enige problemen met zich mee. Dat zijn de omgeving,
verlichting, drukte, voedering, temperatuur.
Over een paar zaken
nog dit.
Vogels zingen sneller
wanneer ze uit een wat frissere(koudere) omgeving in iets warmere komen. Ze
zitten niet alleen beter en strakker in hun veren, maar het stimuleert ook de
zanglust. Vandaar de regel: de tentoonstellingsruimte dient een lagere
temperatuur te hebben dan de afluister/keurruimte.
Voeding: gebruik zaad
waarin GEEN HENNEP zit. Hennep is een lekkernij die slechts moeizaam gepeld
wordt.
Je bent dood
ongelukkig wanneer je op een wedstrijd komt waarbij de vogels pas op de tweede
of derde dag na het inbrengen gekeurd worden.
Tref je dan een
voederverzorger/liefhebber, die niet goed GEINSTRUEERD is en hij voert zaad
bijv dat ook voor de kleurvogels bestemd is (met =
hennep)dan kun je het
wat je zangtraining betreft wel schudden. Je vogels blijven hennep zoeken en
pellen.... !
Het is mij wel eens
overkomen dat in de kooi behoorlijk wat
dopjes van hennep lagen bij terug komst na en wedstrijd.
Al je training voor
niets?
Echt niet, want
uiteindelijk weet je zelf het beste wat je vogels waard zijn en hoe leuk je resultaten ook zijn. Het
is slechts een ONDERDEEL van je liefhebberij: het houden van vogels in
tweeërlei opzicht!
G.Frank