Zoals zoveel vogelliefhebbers is Dirk Does uit de stad Groningen als kwajongen al in aanraking gekomen met vogeltjes. In dit geval met huismussen. In die kwajongenstijd fokte hij al huismussen, een prestatie die heden ten dage nog steeds niet zo gemakkelijk is.
Vader Does hield
konijnen waarbij de mest op een mestvaalt werd verzameld. Over deze mesthoop
werd gaas gespannen en tegen de muur werden een aantal nestkastjes gehangen. En
ziedaar: een grote voličre met een schat aan dierlijk voedsel voor de opfok van
de jonge mussen.
Geboren en getogen in
Groningen woont Dirk al jaren in de Semarangstraat. Eerst in een benedenwoning;
daarna in een bovenwoning met een hele grote zolder en tenslotte weer een
benedenwoning met een mooi tuintje. Bij de keuze van een huis was de vogelhobby
een belangrijke voorwaarde. Sinds zijn trouwen in 1958 heeft Dirk altijd vogels
gehad. Kenmerkend is de variatie in vogelsoorten die Dirk op z’n hok gehad
heeft.
Verandering van spijs doet eten.
Vlak na het trouwen
waren de eerste vogels harzerkanaries. Omdat Dirk en zijn vrouw toen nog bij
ouders respectievelijk schoonouders inwoonden was er te weinig ruimte voor de
zangkanaries (afluisteren en dergelijke). Daarom werd al na vier jaar overgeschakeld
op kleurkanaries: het eerste jaar roodagaat mozaiëk. Daarna werden jarenlang
goudisabellen gekweekt.
Na de verhuizing naar
de Semarangstraat werden in de tuin een aantal voličres gebouwd waarin onder
andere roodbuik turquoisineparkieten werden gehuisvest. Destijds hield Dirk ook
al veel zebravinken (in totaal zo’n 18 verschillende kleurslagen) en Europese
vogels: groenlingen in wildkleur, agaat, isabel en bruin.
Ook zijn in de
Semarangstraat zo’n acht jaar lang verschillende soorten forpus dwergpapegaaitjes
gefokt. Voor een aantal van deze, onder andere de forpus deliciosus, ontving
hij te Zutphen een “Oorkonde eerste kweek”. Moeilijke vogels om raszuiver te
houden omdat de verschillende soorten, met name de poppen, veel op elkaar
lijken en niet gemakkelijk van elkaar te onderscheiden zijn. Hierdoor komt het
nogal eens voor dat verschillende soorten per abuis onderling gekruist worden
waardoor er hybriden ontstaan. Omdat de liefhebber dit vaak niet herkent wordt
met dergelijke vogels doorgefokt en wordt de soort onzuiver. Het lesboek dat
voor deze vogels geschreven is door de Technische Commissie Parkietachtigen
omschrijft de juiste kleuren van de verschillende soorten forpussen.
Ook werden
verschillende jaren grasparkieten gefokt (lutino).
Drie jaar geleden
werden alle zebravinken (alles zwartwang) van de hand gedaan en verkocht aan
een collega keurmeester. Dirk is zich toen weer gaan toeleggen op een oude
liefde: Europese vogels (barmsijs, groenling en goudvink). Daarnaast
kleurkanaries: allemaal eumo’s, in zwart, agaat en bruin. Dirk Does houdt van
verandering.
5-sterren generaal.
Een uitdrukking die
onder de keurmeesters niet onbekend is. Dirk Does en Nol Willems uit Maastricht
zijn de laatste “vijfsterrengeneraals”.
Deze eretitel wordt
toegekend aan keurmeesters van de oude garde die in het verleden certificaten
behaald hebben voor het keuren van kleur- en postuurkanaries, exoten,
parkietachtigen en Europese vogels. Buiten de zangkanaries keuren deze
keurmeesters dus alle andere sectoren.
Zo ook Dirk Does.
Hoewel hij in het begin ook zangkanaries gekeurd heeft in Makkum met de
opmerking “vlotte zangers”, goed voor het Gewest”.
Sinds 1969 is Dirk
Does keurmeester. Ongeveer een jaar eerder waren Dirk Does samen met Schotanus,
M.C. de Vries en P.Goed onder leidintg van keurmeester Koningsveld aan een
opleiding tot kleurkanariekeurmeester begonnen. Does, de Vries en Goed keuren
inmiddels nog steeds.
Enkele jaren na het
eerste brevet werden opleidingen voor grote parkieten, Europese vogels en exoten
gevolgd. Destijds werd nog examen gedaan in de vogelhandel van voormalig
Bondsvoorzitter Harrie van Seggelen te Weert.
Inmiddels heeft Dirk
al zo’n 31 keurjaren achter de rug, vanaf 1981 ook als COM-keurmeester.
In Breda, Bocholt,
Udine en Zutphen heeft hij als C.O.M.-keurmeester mogen opdraven.
Specialisatie
In de loop der jaren
zijn het aantal mutaties bij onder andere zebravinken, Japanse meeuwen,
grasparkieten, agaporniden en kleurkanaries dusdanig toegenomen dat de
keurmeesters zich steeds verder hebben moeten specialiseren. Zo zijn de
keurmeesters specifiek opgeleid voor het keuren van kleurkanaries, harzer
zangkanaries of waterslager zangkanaries, postuurkanaries, exoten,
parkietachtigen of Europese vogels. Binnen de exoten kan een keurmeester nog
speciaalopleidingen volgen, bijvoorbeeld voor het keuren van zebravinken en
Japanse meeuwen of Australische prachtvinken. Voordeel van deze specialisatie
is een toegenomen deskundigheid met betrekking tot groepen van vogels. Nadeel
is dat een vereniging vaak voor slechts enkele vogels een aparte keurmeester
moet laten komen. Een “vijfsterrengeneraal” kan dan een oplossing bieden.
Voor sommige
verenigingen dusdanig dat ze al tientallen jaren dezelfde keurmeester vragen.
Zo keur Dirk Does al dertig jaar (!) in Zwolle en heeft hij van de
vogelvereniging van Makkum een prachtig vaasje van Makkums aardewerk gekregen
ter gelegenheid van Dirks’ 25-jarig jubileum aldaar!
Vogelhok
In de tuin aan de
Semarangstraat, vlakbij het centrum van de stad Groningen staat het huidige
vogelpaleisje van Dirk Does. Een zevental smalle voličres staan ter beschikking
voor de kweek van barmsijsjes (cabaret, Noordse en Groenlandse), groenvinken en
goudvinken. De kleurkanaries worden in het tweedelige binnenhok in broedkooien
gefokt. Deze kooien heeft Dirk, ooit als timmerman in de bouw begonnen, zelf
gebouwd. Alles is dusdanig gebouwd dat de tussenschotten gemakkelijk verwijderd
kunnen worden zodat de broedkooien ook gebruikt kunnen worden voor het
huisvesten van grotere aantallen jonge vogels ná de kweek. In het andere
gedeelte zijn een aantal binnenvluchtjes waarin twee koppels goudvinken.
Het binnenverblijf
bestaat uit twee gedeelten; een gedeelte met de broedkooien wordt natuurlijk
geventileerd terwijl een gevelkacheltje ’s winters voor de benodigde warmte kan
zorgen.
Eumo
De eumo’s worden
sinds een zestal jaren gefokt. De eerste vogels zijn afkomstig van keurmeester
Sjra Janssen uit Belfeld. In de loop der jaren is er links en rechts nog
materiaal bijgekocht. Het afgelopen jaar is er met 19 poppen gefokt. In totaal
kwamen echter slechts zo’n twintig zuivere eumo’s op stok. Als je bedenkt dat
in principe alleen de intensieve vogels voor de wedstrijd geschikt zijn is de
spoeling uiteindelijk niet al te groot.
De jonge
kleurkanaries worden met vier of vijf stuks tegelijk een een “uitgebouwde”
wedstrijdkooi geplaatst. De afmetingen zijn dezelfde als die van de
wedstrijdkooi wat hoogte en diepte betreft; ze zijn echter twee keer zo breed.
In deze kooi blijven de jonge vogels ongeveer twee weken. Het voer wordt in de
kooi gevoerd waarbij de kooi telkens geopend moet worden om te voeren. Dirk
Does is erg tevreden over deze werkwijze omdat de vogels vlot aan de
wedstrijdkooi wennen en er erg rustig in worden. Dit is later plezierig wanneer
ze opgekooid worden in een normale wedstrijdkooi.
Technische Raad
De afgelopen veertig
jaar heeft Dirk Does zich op verschillende plaatsen binnen de A.N.B.v.V.
verdienstelijk gemaakt. Binnen de Keurmeestersvereniging begon Dirks carričre
in 1961 in de Technische Raad, de voorloper van de huidige Technische
Commissies. Destijds waren er twee Raden, eentje voor zangkanaries en eentje
voor de rest. Piet Rooyakkers was destijds voorzitter. Twee keer per jaar
kwamen de leden bij elkaar en werden allerlei keurtechnische zaken besproken.
De Technische raad werkte toen ook aan de ontwikkeling van lesboeken. Zo werd
het lesboek Europese vogels opgesteld. De keurmeesters waren destijds verbaasd
dat er zoveel wildzangvogels gefokt werden die echter nauwelijks geshowd werden.
Na het uitkomen van het lesboek kwamen ook deze vogels veel vaker op de shows.
Ze werden onder de
gekste namen ingeschreven, bijvoorbeeld een agaat groenling als pastel. De
wildzangtak stond toen in Nederland nog in de kinderschoenen, vergeleken bijvoorbeeld
met onze Belgische zuiderburen.
In de Technische raad
werd ook de strijd gevoerd over de inrichting en vorm van de wedstrijdkooi. De
ene groep wilde vasthouden aan een driesprong de andere groep prefereerde de
tweesprong. De ene groep wilde het voer- en drinkbakje aan de buitenkant, de
andere aan de binnenkant. De huidige universeelkooi met de tweesprong en de
voerbak aan de binnenzijde is uiteindelijk de compromis geworden.
Ook de keuze van de
kleur daglichtlamp werd ooit door de Technische Raad genomen.
Bestuurder
27 Jaar is Dirk Does
bestuurslid geweest van Gewest 1 en daarnaast zo’n tien jaar voorzitter van de
Speciaalclub kleurkanaries, Europese vogels en hybriden. Al met al heeft hij
meer dan veertig jaar allerlei functies bekleed. Tijd om het wat rustiger aan
te doen volgens Dirk.
Maar Dirk Does
kennende zal dat wel meevallen; hij blijft immers steeds nieuwe uitdagingen
zoeken. Bovendien is hij pas 66….